De oudste boom van Den Haag staat achter een gesloten hek, in de binnentuin van een hofje, en wordt nog altijd verzorgd door de vrouwen die er wonen, precies zoals sinds 1638. De rest van de lijst is een stuk makkelijker te bereiken. Vier minuten ten noorden van Den Haag Centraal staat een achttiende-eeuwse eik op de oude hertenweide, en vlakbij een paardenkastanje die in 1997 tachtig meter over dat veld werd gesleept op stalen platen, in plaats van te wijken voor een verkeerstunnel. Dertig bomen, van een moerascipres in een paleistuin tot een rij kastanjes langs de Hofvijver.
0 / 30 bezocht in Den Haag
1
De juttepeer van het Heilige Geesthofje
Peer (Pyrus communis) · ongeveer 388 jaar · Centrum
De vrouwen van dit hofje maken al sinds minstens de zeventiende eeuw gelei van de peren van deze boom, en de boom waar ze nu van plukken is zeer waarschijnlijk dezelfde als die van hun voorgangsters vier eeuwen geleden. Hij werd in 1638 geplant in de binnentuin van het Heilige Geesthofje, in 1616 gesticht om vrouwen van onbesproken gedrag onderdak te geven, en geldt breed als de oudste perenboom van Nederland. Een juttepeer: een klein, hard, oud Nederlands ras dat zich beter laat koken en inmaken dan zo van de tak eten. De binnentuin was het grootste deel van zijn geschiedenis een echte moestuin voor de bewoonsters, groente en fruit voor het huishouden en niet voor de sier, en de peer overleefde alles wat er ooit naast stond. Hij draagt nog elk jaar vrucht, geoogst en tot gelei verwerkt door de huidige bewoonsters, in een traditie die niemand formeel hoefde te herstellen omdat hij nooit is opgehouden. De binnentuin ligt niet zomaar open voor voorbijgangers; het hofje is nog altijd bewoond, en bezoeken betekent een rondleiding boeken via het Buitenmuseum, een afspraak maken of komen op Open Monumentendag. Een kleine prijs om naast iets te staan dat zes jaar voor de Nachtwacht de grond in ging.
Lees meer en route →
2
De eik van de Koekamp
Zomereik (Quercus robur) · ongeveer 300 jaar · Haagse Hout
Willem van Oranje garandeerde het bos van deze eik persoonlijk het eeuwige leven, viereneenhalve eeuw voordat iemand eraan dacht de jaarringen van de boom zelf te tellen. In 1576, de Tachtigjarige Oorlog tegen Spanje was al aan de gang, tekende Oranje namens de Staten van Holland een akte die beloofde dat het Haagse Bos en de Koekamp daarbinnen nooit verkocht of voor hout gekapt zouden worden, een zeldzame zestiende-eeuwse natuurgarantie die opmerkelijk genoeg standhield. Deze eik, ongeveer 300 jaar oud en staand binnen het omheinde hertenkamp van de Koekamp, profiteert er rechtstreeks van: te jong om te hebben bestaan toen Oranje zijn belofte deed, maar geworteld in grond die door die belofte al ruim een eeuw beschermd was toen deze eikel viel. Edelherten en damherten grazen nog altijd om zijn voet, dezelfde functie die de Koekamp al eeuwen vervult, een werkend stuk platteland bewaard binnen een Europese hoofdstad in plaats van een themapark dat er een nabootst. Het geluk van het bos liep maar één keer af, en kort: tijdens de Duitse bezetting werd de helft ervan gekapt voor militaire doeleinden, een zeldzame onderbreking in een verder ononderbroken reeks bescherming die teruggaat op een belofte die een Nederlandse prins deed voordat zijn eigen oorlog gewonnen was.
Lees meer en route →
3
De veteraanlinde van Clingendael
Hollandse linde (Tilia x europaea) · ongeveer 290 jaar · Haagse Hout
Deze linde is de laatste van een rij die ergens in de afgelopen drie eeuwen ophield een rij te zijn. Een achttiende-eeuwse tekening van de formele tuinen van Clingendael, aangelegd rond 1730, laat verschillende geleide linden zien in een strakke lijn, gesnoeid en op latwerk geleid tot de meetkundige vormen die de Nederlandse tuinkunst van die tijd mooi vond. Alle andere bomen uit die rij zijn verdwenen; deze bleef als enige over, en zonder de regelmatige snoei die hem ooit in het gelid hield heeft hij drie eeuwen lang een knoestige, onregelmatige vorm aangenomen die in niets meer lijkt op de nette rij waaraan hij ontsnapte. Die toevallige wildheid bleek er juist toe te doen. In 2019 was Den Haag de eerste Nederlandse gemeente die formeel een status voor veteraanbomen invoerde, overgenomen uit Engeland, die de laatste levensfase van een boom beschermt met een eigen hekwerk en zo min mogelijk ingrijpen in plaats van de gebruikelijke snoei van jongere exemplaren, en deze linde was de eerste boom in het land die hem kreeg. Die status erkent precies wat de boom nu waardevol maakt: geen netheid, maar het opgestapelde bewijs van drie eeuwen alleen staan, op een landgoed dat er meer dan eens omheen is herbouwd en herplant.
Lees meer en route →
Photo: WeeJeeVee (CC BY-SA 4.0)
4
De Postzegelboom
Witte paardenkastanje (Aesculus hippocastanum) · minstens 150 jaar, stond er al voor 1883 · Centrum
Op woensdag- en zaterdagmiddag verdrongen zich hier soms wel honderd postzegelverzamelaars tegelijk rond deze witte paardenkastanje, jarenlang ruilend en verkopend onder de takken, tot het gebruik langzaam doodbloedde. Zijn naam, de Postzegelboom, komt van die informele openluchtmarkt en niet van iets botanisch, en de handel liep door in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog, toen filatelisten elkaar hier voor het eerst onder het blad begonnen te treffen, tegenover paleis Noordeinde. De boom zelf is tientallen jaren ouder dan die markt: hij stond al als klein boompje in een particuliere tuin toen koning Willem II halverwege de negentiende eeuw alle bebouwing tegenover zijn paleis liet slopen om plaats te maken voor een neogotische galerij. Die gebouwen raakten zelf in verval en gingen in 1883 definitief tegen de vlakte, maar de kastanje, weggestopt in wat ooit iemands tuin was, ontkwam aan beide sloopronden en bleef achter de nieuwe galerij staan. De PTT vond die band belangrijk genoeg om in 1990 een volledige herstelbehandeling door een boomchirurg te betalen, en hield daarmee zowel een monumentale boom als de herinnering aan de markt die hem beroemd maakte in leven.
Lees meer en route →
5
De Kabouterboom
Zomereik (Quercus robur) · ongeveer 94 jaar · Haagse Hout
Een holte in de stam van deze eik is zolang iemand in de buurt zich kan herinneren ingericht als poppenhuis, compleet met briefjes voor kabouters die nog nooit iemand naar eigen zeggen heeft gezien. Met zijn ongeveer 94 jaar is de Kabouterboom veruit de jongste van deze lijst, en hij staat erop om een andere reden dan de rest: generaties kinderen uit de Bosjes van Zanen behandelen juist deze eik als een spel dat ze met elkaar delen, en stoppen poppetjes, briefjes en kleine cadeautjes in zijn holte en tussen zijn lage takken, een gewoonte die volwassenen in stand hebben gehouden in plaats van ontgroeid. Niemand organiseert het en geen bordje legt het uit; ouders geven het spel gewoon door aan hun kinderen zoals je elke plaatselijke gewoonte doorgeeft, en de boom houdt daardoor een wisselende bezetting van piepkleine bewoners. Hij staat aan de rand van landgoed Clingendael, een makkelijk uitstapje vanaf de veteraanlinde op korte loopafstand, en is het bewijs dat een boom op een lijst als deze terechtkomt om redenen die niets met omtrek of eeuwen te maken hebben, en alles met wat een buurt van hem heeft gemaakt.
Lees meer en route →
6
De eik van de Bezuidenhoutseweg
Zomereik (Quercus robur) · 225 tot 275 jaar, geplant ergens tussen 1750 en 1800 · Haagse Hout
Vier minuten ten noorden van de perrons van Den Haag Centraal, op de oude hertenweide die de Koekamp heet, staat een eik die het landelijke register dateert op ergens tussen 1750 en 1800. Dat is meer een schouderophalen van vijftig jaar dan een jaartal, en het maakt de boom hoe dan ook minstens 225 jaar oud, mogelijk eerder 275. De Koekamp is de reden dat hij er staat. Deze strook naast het Haagse Bos is eeuwenlang graasweide geweest, eerst voor vee en later voor herten, grond waarop nooit gebouwd is en die nooit als tuin is aangelegd, dus de bomen erop mochten oud worden in plaats van in een ontwerp te worden gesnoeid. Niet alle kregen die kans. Tijdens de Duitse bezetting verdwenen heel wat bomen rond de Koekamp in de kachel of gingen ze om voor de tankgracht die dwars door deze kant van de stad werd gegraven. Deze eik bleef door allebei heen staan. Hij heeft geen naam, geen bordje en geen opgetekende geschiedenis, hij is van Staatsbosbeheer, en hij is een van de makkelijkst bereikbare oude bomen van Nederland: het station uit, de weg over, en daar staat hij. Weet jij wie hem geplant heeft, laat het ons weten.
Lees meer en route →
7
De plataan van de Westvlietweg
Gewone plataan (Platanus x acerifolia) · 225 tot 275 jaar, geplant ergens tussen 1750 en 1800 · Leidschendam
Rijke families uit Den Haag en Delft bouwden de zeventiende en achttiende eeuw lang buitenhuizen langs de Vliet, en deze plataan ging de grond in toen die mode nog liep. Het register dateert hem op tussen 1750 en 1800, wat hem ergens tussen de 225 en 275 jaar oud maakt, staand voor Zeerust, een van de buitens langs de Westvlietweg. De weg is de halve reden om te komen. De Vliet is een kanaal dat de Romeinen groeven en dat de Nederlanders nooit meer hebben laten liggen, de Westvlietweg loopt ernaast, en de strook staat vol met de hekken en koetshuizen van buitenplaatsen, de zomerverblijven die kooplieden bouwden om er in augustus de stad mee uit te zijn. Bijna alle beplanting uit die tijd is inmiddels twee keer vervangen. Deze boom niet. Het is een gewone plataan, de hybride die later de standaard straatboom van half Europa zou worden, hier neergezet lang voordat iemand wist dat dat ervan zou komen. De provincie is eigenaar en de berm is openbaar, dus je kunt eronder gaan staan zonder iemand iets te vragen. Wees wel eerlijk over de reis: hij ligt buiten de stad en hij staat alleen, dus dit is een uitstapje en geen wandeling.
Lees meer en route →
8
De Koeweide-eik van Ockenburgh
Zomereik (Quercus robur) · ongeveer 210 jaar · Loosduinen
Iemand schreef een boeklang gedicht over dit landgoed, anderhalve eeuw voordat de eik geplant werd. Jacob Westerbaen, een Haagse arts die dichter werd, bouwde Ockenburgh in 1654 in de duinen achter Loosduinen en publiceerde daarna duizenden regels over zijn eigen terrein, wandeling voor wandeling, boom voor boom. De eik kwam veel later. Het register zet hem in de jaren tien van de negentiende eeuw, wat hem ruim twee eeuwen oud maakt, groeiend aan de noordkant van de Koeweide, de oude koeienwei naast het landhuis. Wat hij heeft zien gebeuren, is de trage overgang van het landgoed naar publiek bezit. Ockenburgh ging van particulier lusthof naar camping naar gemeentepark, en het huis zelf stond jaren te verkommeren voordat het werd hersteld. De duinen erachter werden tijdens de Duitse bezetting versterkt, toen de Atlantikwall langs deze kust liep en grote stukken landschap daarvoor werden geruimd. De eik hield zijn plek aan de rand van de weide door dat alles heen. De stad is nu eigenaar van het landgoed en de hekken en paden zijn gratis, wat dit tot een van de weinige tweehonderd jaar oude bomen van het land maakt waar je op elk uur van elke dag naartoe kunt lopen.
Lees meer en route →
9
De eik van de Van Soutelandelaan
Zomereik (Quercus robur) · ongeveer 210 jaar · Haagse Hout
Deze eik is ruwweg anderhalve eeuw ouder dan elk gebouw om hem heen. Hij staat in het groen achter de Van Soutelandelaan, in Mariahoeve, een wijk die pas eind jaren vijftig ontstond, toen Den Haag binnen zijn eigen grenzen geen ruimte meer had en een complete buurt met flats en lage blokken op de landgoedgrond ten noordoosten van het Haagse Bos zette. Het register dateert de eik op tussen 1810 en 1820, dus hij is zijn 205e jaar voorbij en waarschijnlijk niet veel verder dan zijn 215e. Hij was al een forse boom toen de grond hier nog weiland en buitenplaats was. Ontwerpers van die generatie streken een terrein meestal glad en begonnen bij niets; hier is er om het bos heen gebouwd, en tussen de blokken staat nog een handvol bomen uit de landgoedtijd. Op zo'n tweehonderd meter afstand groeit een beuk van bijna dezelfde leeftijd, wat hier een korte wandeling met twee oude bomen van maakt in plaats van één stop. Wie de eik geplant heeft en waarom, heeft niemand opgeschreven. Ben je opgegroeid in deze hoek van Mariahoeve en ken je het verhaal, laat het ons weten.
Lees meer en route →
10
De beuk van Le Grandbos
Beuk (Fagus sylvatica) · ongeveer 200 jaar · Haagse Hout
Niets aan de hoek van de Van Soutelandelaan en de Van Mojalenlaan kondigt een tweehonderd jaar oude boom aan. De beuk staat in een strook bos die Le Grandbos heet, een restant van het landgoedlandschap dat hier lag voordat Mariahoeve eroverheen werd gebouwd, en het register dateert de boom op de jaren twintig van de negentiende eeuw. Beuk doet twee dingen die de wandeling waard zijn. Zijn bast blijft zijn hele leven glad en grijs, waardoor een oude stam eerder als een zuil leest dan als een boom, zonder de diepe groeven die een eik van dezelfde leeftijd verraden. En hij houdt de herfst beter vast dan bijna alles wat er verder in een Nederlandse straat groeit: koperkleurig eind oktober, en dat tot in november, waarna het gevallen blad nog weken oranje op de grond blijft liggen. Eronder groeit vrijwel niets. Een volgroeide beuk neemt zoveel licht weg dat de bodem onder de kroon kaal blijft, en dat is van een afstand de makkelijkste manier om er een uit een gemengd bos te pikken. Op een meter of tweehonderd, aan de overkant van de Van Soutelandelaan, staat een eik van bijna dezelfde jaargang, dus dit is een omweg van tien minuten met twee bomen erin.
Lees meer en route →
11
De iep van het Malieveld
Hollandse iep (Ulmus x hollandica) · ongeveer 190 jaar · Centrum
Een iep uit de jaren dertig van de negentiende eeuw heeft twee epidemieën overleefd die vrijwel alles van zijn soort hebben gedood. De iepziekte is genoemd naar het land dat haar als eerste vaststelde, in de jaren na de Eerste Wereldoorlog, en een tweede, veel agressievere variant kwam in de jaren zeventig en maakte af wat de eerste had laten staan. Samen haalden ze de boom die de Nederlandse straten eeuwenlang had bepaald uit diezelfde straten weg. Deze ging ergens tussen 1830 en 1840 de grond in en staat er nog, op het veld waar het land naartoe gaat om gehoord te worden. Het Malieveld begon als baan voor het maliespel, het bal-en-hamerspel waar de zeventiende eeuw gek op was, en werd de open ruimte midden in Den Haag waar boeren hun tractoren parkeren, vakbonden hun fluitjes meenemen en honderdduizenden mensen zich voor de ene of de andere zaak hebben verzameld. Tussen de demonstraties door staan er kermissen en circustenten. De iep staat er al bijna twee eeuwen aan de rand van, op een paar minuten lopen van de parlementsgebouwen waar iedereen tegen komt schreeuwen, en vrijwel niemand in die menigten heeft ooit omhooggekeken.
Lees meer en route →
12
De Koekampkastanje
Witte paardenkastanje (Aesculus hippocastanum) · ongeveer 190 jaar · Haagse Hout
In maart 1997 werd deze witte paardenkastanje op stalen platen tachtig meter over de Koekamp gesleept, met honderd ton grond nog om zijn wortels, en die operatie kwam in het Guinness Book of Records. Hij kwam er terecht omdat mensen van hem hielden. Veel bomen aan deze kant van de stad verdwenen tijdens de Duitse bezetting, verstookt bij gebrek aan kolen of gekapt voor de tankgracht, en deze kastanje kwam door allebei heen. Vijftig jaar later deed een weg bijna wat de oorlog niet lukte. Het plan voor de Koningstunnel, opgesteld in 1995, liep dwars door de kastanje en door een monumentale linde ernaast. De gemeente rekende op papierwerk en kreeg ruzie: mensen bleken aan deze twee bomen gehecht op een manier waar niemand op had gerekend. Het tracé van de tunnel werd opzij geschoven om de linde te sparen. Voor de kastanje stelden ingenieurs een vreemdere vraag, namelijk of een boom van dat formaat gewoon verplaatst kon worden, en het antwoord bleek ja. Er gingen stalen platen onder de kluit en het geheel werd langzaam richting het Malieveld getrokken. Hij herstelde. De kroon is weer vol en een bordje aan de voet van de stam vertelt wat er gebeurd is, tien minuten van Den Haag Centraal.
Lees meer en route →
13
De eik van de Mesdag-tuin
Zomereik (Quercus robur) · ongeveer 190 jaar · Centrum
Hendrik Willem Mesdag schilderde het grootste schilderij van Nederland, en deze eik was toen al veertig of vijftig jaar oud. Panorama Mesdag, klaar in 1881, is een cilindrisch uitzicht op het strand van Scheveningen van veertien meter hoog en honderdtwintig meter rond, en Mesdag woonde er op een paar minuten lopen vandaan, aan de Laan van Meerdervoort 7, in het huis dat nu een museum is van de verzameling die hij aanlegde. De tuin hoorde bij het huis. Het register dateert deze eik op de jaren dertig van de negentiende eeuw, wat hem net geen twee eeuwen oud maakt, en vermeldt een tweede eik van precies dezelfde leeftijd ernaast, twee bomen naast elkaar. Mesdag kocht schilderijen zoals anderen meubels kopen en vulde het huis met doeken van de School van Barbizon en de Haagse School, tot er een speciaal gebouwde galerij aan de achterkant tegenaan moest om ze te bergen. De eiken waren het uitzicht vanuit dat alles, en ze stonden hier voor de collectie, voor het panorama en voordat de straat zo ver reikte. Je komt erbij via De Mesdag Collectie in zijn oude huis. Het is de enige boom op deze lijst die met een zaal vol Corots komt.
Lees meer en route →
14
De kastanje van Oud Eik en Duin
Witte paardenkastanje (Aesculus hippocastanum) · ongeveer 190 jaar · Segbroek
Een paar stappen van deze kastanje staat een vervallen middeleeuwse kapel die zes eeuwen ouder is dan alles wat er verder op het terrein groeit. Oud Eik en Duin ging in 1830 open als begraafplaats, nadat een koninklijk besluit een einde had gemaakt aan het begraven in Nederlandse kerken en nieuwe begraafplaatsen naar buiten de bebouwde kom duwde. De grond die daarvoor werd genomen, was al oud. De kapel van Eik en Duinen, gesticht in de dertiende eeuw en eeuwenlang een bedevaartsplek, staat er zonder dak middenin, verwoest in de oorlogen van de zestiende eeuw en sindsdien als ruïne blijven staan. Het register dateert deze witte paardenkastanje op de jaren dertig van de negentiende eeuw, hetzelfde decennium waarin de begraafplaats openging, al heeft niemand vastgelegd of hij bij de eerste aanplant hoorde of een paar jaar later kwam. Hoe dan ook doet hij al bijna twee eeuwen wat begraafplaatsbomen doen: ongestoord groeien op grond waar niemand mag bouwen, wat het beste is wat een boom in een stad kan overkomen. Oud Eik en Duin is een van de grootste en oudste begraafplaatsen van Den Haag, hij is gratis, en je mag er bij daglicht doorheen lopen.
Lees meer en route →
15
De beuk van de Van Hogenhoucklaan
Beuk (Fagus sylvatica) · ongeveer 190 jaar, en de opnemer van het register houdt het losjes op de eerste helft van de negentiende eeuw · Benoordenhout
Deze beuk kwam er de afgelopen dertig jaar ongeveer een centimeter stamomtrek per jaar bij, en juist dat cijfer is de reden dat iemand hem een tweede blik gunde. De Van Hogenhoucklaan werd rond 1930 met zijn huizen aangelegd, en de beuken langs de straat, gemengd met Amerikaanse linden en een paar eiken, zien eruit alsof ze met de straat mee de grond in gingen. Deze niet. Hij is duidelijk dikker dan zijn buren, en een boom die een centimeter per jaar groeit is er niet snel dik geworden, maar is er een stuk langer mee bezig. De opnemer van het register komt uit op de eerste helft van de negentiende eeuw, wat hem ongeveer een eeuw ouder zou maken dan de weg waar hij langs staat. Dat is een schatting en geen datum, en dan wel de eerlijke soort: een gemeten stam, een gemeten groeisnelheid, en een conclusie die als waarschijnlijkheid wordt gegeven in plaats van als jaartal. Beuk houdt zijn hele leven een gladde grijze bast, dus leeftijd is aan het oppervlak nooit af te lezen zoals bij een eik. Die zit in de diameter, en dat is precies wat de opnemer opviel. Ga aan het eind van het plantsoen staan en kijk de rij af. De vreemde eend is niet moeilijk te vinden.
Lees meer en route →
16
De eik van de Joodse begraafplaats aan de Scheveningseweg
Zomereik (Quercus robur) · ongeveer 180 jaar · Zorgvliet
Deze eik werd geplant op een begraafplaats die toen al anderhalve eeuw in gebruik was. De Joodse begraafplaatsen aan de Scheveningseweg dateren uit de jaren negentig van de zeventiende eeuw, aangelegd buiten de bebouwde stad omdat de Joodse gemeenschap van Den Haag daar haar doden mocht begraven, op grond aan weerszijden van de kaarsrechte weg die Constantijn Huygens dertig jaar eerder had laten aanleggen om de stad met de zee te verbinden. Het register dateert de eik op de jaren veertig van de negentiende eeuw, wat hem net geen twee eeuwen oud maakt. De Joodse begraafgewoonte laat een begraafplaats met rust zodra de graven er liggen, waardoor zulke grond vaak het minst veranderde stuk van een oude Europese stad is en de bomen erop opgroeien zonder het snoeien, graven en herplanten dat een park vormgeeft. Wat daarna kwam is niet het verhaal van de boom, maar wel dat van de grond. De Joodse bevolking van Den Haag telde voor de oorlog ongeveer zeventienduizend mensen en de meesten kwamen niet terug. De begraafplaatsen bleven bestaan. De eik staat binnen de muur, op een stille plek die niet elke dag open is, dus controleer de tijden voordat je de reis maakt.
Lees meer en route →
17
De moerascipres van de Paleistuin
Moerascipres (Taxodium distichum) · ongeveer 130 jaar · Centrum
Deze moerascipres groeit op een gazon in de tuin achter paleis Noordeinde, het werkpaleis waar de koning van Nederland zijn kantoor houdt, op grond die begin zeventiende eeuw als privétuin werd aangelegd door Frederik Hendrik, zoon van Willem van Oranje, voor zijn moeder, en die eeuwenlang de Prinsessentuin heette. Wat ooit strikt koninklijk bezit was, is al generaties openbaar, iets wat veel mensen die het paleis alleen van de straatkant kennen niet doortrekken naar het terrein erachter.
Het register dateert de aanplant op de jaren negentig van de negentiende eeuw, als onderdeel van wat het de oudere beplanting van de tuin noemt, ruim na het oorspronkelijke ontwerp van Frederik Hendrik maar nog altijd ruim een eeuw geleden. Taxodium distichum hoort van huis uit in de moerassen van het zuidoosten van de Verenigde Staten en laat, ongebruikelijk voor een naaldboom, elk najaar zijn naalden vallen, dus hij gaat van groen naar roestoranje en staat daarna de hele winter kaal tussen de vijvers en beelden van de tuin. De tuin is gratis, open van zonsopgang tot zonsondergang, en alleen dicht op de enkele dag dat een staatsbezoek dat vraagt.
Lees meer en route →
18
De kastanjes van de Vijverberg
Witte paardenkastanje (Aesculus hippocastanum) · ongeveer 190 jaar · Centrum
De Vijverberg bestaat dankzij een gat in de grond. Toen de Hofvijver, de rechthoekige plas die nog altijd naast het Binnenhof ligt en op duizenden ansichtkaarten de zetel van het Nederlandse bestuur weerspiegelt, eeuwen geleden werd vergroot, werd het uitgegraven zand langs één zijde opgeworpen. Zo ontstond de lage rug die deze straat haar naam gaf, de berg bij de vijver. Rijke families bouwden er vanaf de zeventiende eeuw hun herenhuizen langs, de meeste met tuinen die op het water uitkeken.
Deze rij van zeven witte paardenkastanjes, geplant rond de jaren dertig van de negentiende eeuw, staat vandaag op diezelfde historische grond, inmiddels hoog genoeg om het water te beschaduwen waar ze ooit overheen moesten kijken. De witte paardenkastanje hoort niet van nature in Nederland thuis en kwam als sierboom uit de Balkan, maar werd twee eeuwen lang de standaardboom voor precies dit soort deftige stadspromenades in Nederlandse steden. De bomen staan in de openlucht, gratis, aan een van de meest gefotografeerde korte stukken stoep van het land, op een paar minuten lopen van het Binnenhof zelf.
Lees meer en route →
19
De platanen van de Grote Kerk
Gewone plataan (Platanus x acerifolia) · ongeveer 130 jaar · Centrum
Deze twee gewone platanen groeien op wat ooit een kerkhof was; de aantekening van het register bij de plek luidt eenvoudig dat ze op het voormalige kerkhof zijn geplant, en dat verklaart waarom er rond een kerk zo midden in de stad nog altijd open gras ligt. De Grote Kerk, de grootste en oudste kerk van Den Haag, staat hier sinds de vijftiende eeuw, en eromheen werd nog eeuwen daarna begraven, tot dat in de groeiende Nederlandse steden om gezondheidsredenen werd verboden en dit stuk grond open ruimte werd.
De twee platanen dateren van rond de jaren negentig van de negentiende eeuw, laatkomers vergeleken met de kerk zelf maar toch ruim een eeuw oud, staand op de Riviervismarkt die om het gebouw heen loopt. De gewone plataan, een kruising van de Amerikaanse plataan en de oosterse plataan, verdraagt verdichte stadsgrond beter dan bijna elke andere grote boom, en dat is waarschijnlijk waarom hij de voor de hand liggende keuze was toen de grond zijn oorspronkelijke functie verloor. De bomen staan in de openlucht, gratis, op een plein dat nog altijd markten en evenementen trekt zoals de plek dat eeuwenlang deed, alleen nu zonder de graven.
Lees meer en route →
20
De platanen van het Huijgenspark
Gewone plataan (Platanus x acerifolia) · ongeveer 150 jaar · Stationsbuurt
Het Huijgenspark droeg het grootste deel van zijn vroege leven een lelijkere naam, Bogt van Guinea, tot een moord in de buurt in 1873 de stad aanleiding gaf het te vernoemen naar Constantijn Huygens, de in Den Haag geboren diplomaat, dichter en componist wiens zoon later de ringen van Saturnus zou ontdekken. Voordat het park er lag, was deze strook de drukke uitvalsweg richting Delft, vol herbergen en wagenverhuurders voor reizigers die de ommuurde stad verlieten, een van de weinige bebouwde plekken buiten de oude Haagse grachtengordel.
Deze gewone platanen gingen rond de jaren zeventig van de negentiende eeuw de grond in, in het pas aangelegde park, niet lang nadat het in 1860 was ingericht op het terrein tussen de Huijgensstraat en de oude Bogt. Het park werd in 2002 gerenoveerd, met nieuwe beplanting en opnieuw bestrate paden, maar de platanen uit de oorspronkelijke aanleg kwamen daar ongeschonden doorheen. Ze staan er vandaag in de openlucht, gratis, in een park waarvan de naamsverandering nog altijd stilletjes verwijst naar een misdaad waarvan niemand die nu leeft de details kent.
Lees meer en route →
21
De Hongaarse eiken van het Huijgenspark
Hongaarse eik (Quercus frainetto) · ongeveer 120 jaar · Stationsbuurt
De Hongaarse eik is een soort waar de meeste Nederlandse parkbezoekers langslopen zonder hem te herkennen, een grootbladige eik uit de Balkan en Zuidoost-Europa die Nederland alleen bereikt via bewuste aanplant in de negentiende en vroege twintigste eeuw en niet via een natuurlijk verspreidingsgebied. Deze groep van drie, door het register gedateerd op ongeveer 1900 tot 1910, staat aan de westkant van het Huijgenspark, een generatie jonger dan de platanen van het park maar uit dezelfde tijd van stedelijk groenbeleid die Nederlandse gemeenteparken vulde met soorten van over het hele continent.
Het park zelf kwam in de plaats van een drukke buurt met pleisterplaatsen aan de oude weg naar Delft, en werd in 1873 vernoemd naar de veelzijdige geleerde Constantijn Huygens nadat de plek twee eeuwen lang de aanzienlijk minder vleiende naam Bogt van Guinea had gedragen. De bladeren van de Hongaarse eik zijn groter en dieper ingesneden dan die van de inheemse zomereik, de moeite van een blik van dichtbij waard voor wie de twee uit elkaar wil houden. De bomen staan in de openlucht, gratis, op korte loopafstand van de oudere platanen aan de overkant van hetzelfde groen.
Lees meer en route →
22
De plataan van Park Hoekenburg
Plataan (Platanus sp.) · ruwweg 280 tot 330 jaar, op basis van de plantband 1700-1750 uit het register · Leidschendam-Voorburg
Een van de vondsten die in deze hoek van Voorburg uit de grond kwamen was een houten paal, gezaagd uit een eik die in het jaar 212 werd geveld, een datum afgelezen uit de jaarringen. De opgraving die dat opleverde, in 2008, legde Forum Hadriani bloot, de Romeinse havenstad die was aangelegd op een oudere nederzetting van de Cananefaten. Het Landelijk Register Monumentale Bomen geeft de plataan die op die grond staat geen bijnaam. Het register noteert hem als de plataan op het Romeinse fundament, en meldt dat het de dikste plataan van Zuid-Holland is.
De leeftijd komt uit datzelfde register en blijft een marge: geplant ergens tussen 1700 en 1750, wat de boom op ruwweg 280 tot 330 jaar zet. Niets in het register verfijnt dat, en een zelfverzekerd getal zou precisie zijn die de opmeter nooit heeft geclaimd. De marge is breed genoeg om een ding zeker te weten, namelijk dat deze plataan hier al wortelde ruim voordat Nederland een koninkrijk werd. Bij een latere renovatie van het park is de boom zorgvuldig beschermd.
Platanen laten het hele jaar door hun schors in platen los, dus geen maand is de verkeerde, en de stam is de reden om te komen. Weet voordat je vertrekt dat dit Voorburg is, in de gemeente Leidschendam-Voorburg, een paar kilometer ten oosten van het centrum van Den Haag. Het is een uitstapje uit de stad, geen wandeling erdoorheen.
Lees meer en route →
23
De rode beuk ten oosten van de Arentsburgvijver
Rode beuk (Fagus sylvatica f. purpurea) · ruwweg 190 jaar, op basis van een geregistreerde plantdatum rond 1840 · Leidschendam-Voorburg
Een rode beuk is een gewone beuk met een foutje erin. Het paars komt van een mutatie die het blad overspoelt met rood pigment tot het groen eronder niet meer doorschemert, en omdat het foutje maar soms overerft op de zaailingen, enten kwekers het al twee eeuwen op wortelstok van de gewone beuk. Negentiende-eeuwse landgoedeigenaren kochten het resultaat bij duizenden, en zo eindigde een boom die begon als toeval in een wild bos boven een vijver in Voorburg.
Deze staat aan de oostoever in Park Arentsburg. Het landelijk register legt de aanplant tussen 1830 en 1840, dus reken ongeveer 190 jaar, en dat is een schatting van de plantdatum, geen jaarringtelling. Niemand heeft er een boorkern uit genomen. De marge is wat het register te bieden heeft.
Aan de overkant van het water, aan de westzijde, staat een tweede rode beuk van vrijwel dezelfde leeftijd, dus bepaal eerst aan welke oever je staat voordat je discussieert over welke boom je bekijkt. Beuken houden hun hele leven gladde grijze schors, dus geen van beide toont leeftijd zoals een eik dat doet; het gaat in omvang zitten. Park Arentsburg ligt in Leidschendam-Voorburg, ten oosten van Den Haag en niet erin, op de grond waar ooit de Romeinse stad Forum Hadriani stond.
Lees meer en route →
24
De rode beuk ten noorden van de koepel in Vreugd en Rust
Rode beuk (Fagus sylvatica f. purpurea) · ruwweg 190 jaar, op basis van een geregistreerde plantdatum rond 1840 · Leidschendam-Voorburg
Het register geeft deze boom geen straatnaam. Het noteert hem als de rode beuk aan de noordzijde van koepel nummer een, wat meteen zegt in wat voor park je loopt. Vreugd en Rust is een oud landgoed dat openbaar terrein werd, en een koepel is een van de gekoepelde tuinhuisjes ervan.
Bij dat prieel staan twee rode beuken, een ten noorden en een ten zuiden ervan, apart opgenomen in het Landelijk Register Monumentale Bomen en beide gedateerd op een aanplant ergens tussen 1830 en 1840. Dat zet ze op ruwweg 190 jaar, uit een schatting en niet uit een jaarringtelling, en ze liggen qua leeftijd en omvang dicht genoeg bij elkaar dat op papier het kompaspunt het enige verschil is. Dit is de noordelijke.
Paarse beukenbladeren zijn op hun vreemdst in mei. Ze ontvouwen zich dun genoeg om het licht door te laten, zodat de hele kroon twee weken lang doorschijnend rood gloeit voordat het pigment dikker wordt en de boom tegen augustus iets richting zwart opschuift. Wie een rode beuk alleen in hoogzomer heeft gezien, heeft de saaie helft ervan gezien. Het park ligt in Voorburg, in de gemeente Leidschendam-Voorburg, wat een uitstapje is vanuit Den Haag en geen hoekje ervan.
Lees meer en route →
25
De rode beuk ten zuiden van de koepel in Vreugd en Rust
Rode beuk (Fagus sylvatica f. purpurea) · ruwweg 190 jaar, op basis van een geregistreerde plantdatum rond 1840 · Leidschendam-Voorburg
Bijna alle wortels van een volwassen beuk zitten in de bovenste halve meter grond, ongeveer zo breed uitgespreid als de kroon reikt. Sta onder deze boom en je staat er middenin. Die ondiepe wortelschijf is waarom oude beuken in druk bezochte parken vaak sterven aan niets dramatischer dan voeten: de grond raakt verdicht, lucht bereikt de wortels niet meer, en een boom die het bijna twee eeuwen heeft volgehouden verliest het van een kortere weg die dwars over het gras is ingesleten. Wie een parkbeuk onderhoudt, maakt zich eerder zorgen om de bodem dan om de takken.
Dit is de zuidelijke van de twee rode beuken bij koepel nummer een in Park Vreugd en Rust. Het landelijk register geeft een aanplant ergens tussen 1830 en 1840, dus ruwweg 190 jaar, en die marge is een schatting van wanneer de boom erin ging, geen jaarringtelling. Het register is de enige bron die er een getal op plakt.
Kom in een mastjaar en je hoort de boom voordat je ernaar kijkt. Beuken laten hun nootjes onregelmatig vallen in plaats van gelijkmatig, en na een zwaar jaar liggen de stekelige bolsters dik genoeg om onder je voeten te kraken. Het park ligt in Voorburg, onderdeel van Leidschendam-Voorburg, een korte rit ten oosten van Den Haag en geen wandeling erbinnen.
Lees meer en route →
26
De beuk aan de Den Burghstraat in Park Arentsburg
Beuk (Fagus sylvatica) · ruwweg 190 jaar, op basis van een geregistreerde plantdatum rond 1840 · Leidschendam-Voorburg
De rode beuken verderop in dit park zijn deze boom in verkleedkleren. Dezelfde soort, Fagus sylvatica, een kleurmutatie verwijderd, en dit is het gewone origineel, staand aan de kant van de Den Burghstraat in Park Arentsburg. Het landelijk register dateert de aanplant tussen 1830 en 1840, wat hem op ongeveer 190 jaar zet, en die marge is een schatting van wanneer hij erin ging, geen jaarringtelling. Zijn eerste zomers waren de jaren waarin Nederland Belgie kwijtraakte.
Schors is waarom je naar een beuk toe loopt in plaats van hem vanaf het pad te fotograferen. Hij blijft zijn hele leven glad en grijs en rekt mee als de stam dikker wordt in plaats van af te schilferen, dus alles wat erin gekerfd wordt blijft tientallen jaren zichtbaar. Een kerfteken blijft precies op de hoogte staan waarop het is gemaakt en wordt jaar na jaar breder en botter, wat verklaart waarom oude parkbeuken initialen op hoofdhoogte dragen die niemand die nu nog leeft zich herinnert te hebben gekerfd.
In de zomer is hij de gewone groene tussen de paarse kronen, ovale bladeren waar de kastanje verderop een hand van vijf laat zien. In de laatste dagen van oktober kleurt hij koperbruin en houdt die kleur tot ver in november, de twee weken om de wandeling voor te plannen. Park Arentsburg ligt in Voorburg, in de gemeente Leidschendam-Voorburg, ten oosten van Den Haag en niet erin.
Lees meer en route →
27
De rode beuk ten westen van de Arentsburgvijver
Rode beuk (Fagus sylvatica f. purpurea) · ruwweg 190 jaar, op basis van een geregistreerde plantdatum rond 1840 · Leidschendam-Voorburg
Landschapstuinarchitecten plaatsten rode beuken doelbewust bij water. Een paarse kroon oogt bijna zwart tegen een vijver, verdubbelt zichzelf in de spiegeling en doet het werk van een monument in een tuin die er geen heeft, en dat is waarom negentiende-eeuwse Nederlandse parken er vol mee staan, precies op plekken als deze. Hij houdt de westoever van de vijver in Park Arentsburg bezet, en een tweede rode beuk van dezelfde tijd houdt de oostoever.
Het landelijk register legt de aanplant tussen 1830 en 1840, dus ruwweg 190 jaar, uit een schatting van wanneer de boom erin ging, geen jaarringtelling. Dat register is de enige bron die de boom uberhaupt dateert, goed om te weten voordat iemand het getal als vaststaand feit herhaalt.
Beuk is de soort waar Nederlandse boombeheerders zich tegenwoordig het meest zorgen om maken. De wortels zijn ondiep, de boom is geevolueerd voor zomers met betrouwbare regen, en de droge zomers van het afgelopen decennium hebben in parken door het hele land kronen uitgedund en takken gedood. Een boom met een vijver binnen bereik van zijn wortelschijf staat er beter voor dan de meeste.
Park Arentsburg ligt in Voorburg, in de gemeente Leidschendam-Voorburg. Dat is ten oosten van Den Haag en erbuiten, dus behandel dit als een kort uitstapje en geen stadswandeling.
Lees meer en route →
28
De rode beuk bij de poort van de begraafplaats van Voorburg
Rode beuk (Fagus sylvatica f. purpurea) · ruwweg 160 jaar, op basis van een geregistreerde plantdatum rond 1870 · Leidschendam-Voorburg
Bomen houden het langst uit op grond waar nooit gebouwd zal worden. Een begraafplaats is zowat het veiligste adres dat een boom in een Nederlandse plaats kan hebben: geen herontwikkeling, geen wegverbreding, geen nieuwe afvoerbuizen door de wortelschijf, en een beheerder wiens werk altijd al de aanplant omvatte. Deze rode beuk heeft die afspraak al zoiets als anderhalve eeuw bij de ingang van de Algemene Begraafplaats van Voorburg, aan de Parkweg.
Het landelijk register dateert de aanplant ergens tussen 1860 en 1870, dus ruwweg 160 jaar, en zegt niets over wie hem koos. De keuze oogt weloverwogen eerder dan toevallig. Een rode beuk is donker, traag, zwaar en vrijwel blijvend, en deze werd bij de poort geplant, waar hij het eerste is wat iedereen passeert bij binnenkomst en het laatste bij vertrek.
Beuken tonen hun leeftijd in omvang, niet in hun schors, die tot het einde glad en grijs blijft. Dat maakt een beuk van 160 jaar makkelijk te passeren en moeilijk twee keer te passeren, want de schaal dringt pas door zodra je dichtbij genoeg bent om te overwegen er je armen omheen te slaan.
Het terrein is dagelijks open en het is een werkende begraafplaats, houd het bezoek dus rustig. Voorburg hoort bij de gemeente Leidschendam-Voorburg, ten oosten van Den Haag en niet erin.
Lees meer en route →
29
De kastanje van Park Arentsburg
Paardenkastanje (Aesculus hippocastanum) · ruwweg 160 jaar, op basis van een geregistreerde plantdatum rond 1870 · Leidschendam-Voorburg
Als een Nederlandse paardenkastanje er in augustus verschroeid uitziet, ligt dat niet aan de zomer. Een mot genaamd de paardenkastanjemineermot bereikte het land rond de eeuwwisseling, de rupsen tunnelen tussen de bladlagen door en hele kronen verkleuren maanden te vroeg bruin. Tel daarbij de kastanjebloedingsziekte op, die sinds de jaren 2000 kastanjes door heel Nederland heeft gedood, en een oud exemplaar is zeldzamer dan vroeger. Het landelijk register dateert de aanplant van deze boom tussen 1860 en 1870, dus ruwweg 160 jaar, en hij staat bij de rand aan de Den Burgstraat van Park Arentsburg.
De soort is niet Nederlands en is dat nooit geweest. Ze komt uit een paar berggebieden op de Balkan, kwam in de zestiende en zeventiende eeuw als curiositeit naar West-Europa, en werd vervolgens de boom van lanen, schoolpleinen en stadspleinen. De bekendste van dit land, de kastanje die Anne Frank vanuit het achterhuis in Amsterdam kon zien, waaide in 2010 om tijdens een storm.
De komende week ligt begin mei, wanneer de bloemen als witte kaarsen over de hele kroon verschijnen en de boom eventjes belachelijk wordt. Eind september brengt kastanjes in plaats daarvan. Park Arentsburg ligt in Voorburg, onderdeel van de gemeente Leidschendam-Voorburg, ten oosten van Den Haag en niet erin.
Lees meer en route →
30
De beuk bij de stenen bank in Juliana en Bernardpark
Beuk (Fagus sylvatica) · ruwweg 160 jaar, op basis van een geregistreerde plantdatum rond 1870 · Leidschendam-Voorburg
Een beuk die alleen groeit heeft een andere vorm dan een beuk in een bos. In een bos wedijvert hij met zijn buren om hoogte en eindigt als een lange, gladde zuil met de kroon ergens hoog erboven. Op open grond houdt hij zijn lage takken, spreidt zich zijwaarts uit en eindigt vaak breder dan hoog. Deze heeft ongeveer 160 jaar open grond gehad in het Juliana en Bernardpark, en de vorm toont welk leven hij kreeg.
Het landelijk register legt de aanplant tussen 1860 en 1870 en plaatst de boom bij de stenen bank in plaats van bij een huisnummer, wat nog steeds de beste aanwijzing is die iemand kan geven. Dus: ruwweg 160 jaar, uit een schatting van de aanplant en geen jaarringtelling. Niemand heeft er een boorkern uit genomen, en het register is de enige bron die hem uberhaupt dateert.
Die periode omvat de omslag van Voorburg van een dorp van landgoederen naar een voorstad van Den Haag, en de bezetting, en elke winterstorm ertussenin. Niets daarvan is aan de boom te zien. Beuken houden tot het einde gladde grijze schors, wat de enige eerlijke maat voor een beuk zijn omvang maakt.
Voorburg hoort bij de gemeente Leidschendam-Voorburg, ten oosten van Den Haag en buiten de stad, dus dit is een uitstapje en geen stadswandeling.
Lees meer en route →